Tagarchief: attractiemontage

Sergei Eisenstein (1898 – 1948)

Sergei Michailowitsch Eisenstein werd geboren in 1898 in Riga. Hij studeerde aan het Ingenieur-Instituut in Petersburg en trad vervolgens in het Rode Leger. Aan de Militaire Academie in Moskou kreeg hij de gelegenheid Japans te leren, maar al snel vond hij zijn belangstelling vooral in theater en film. In het seizoen 1920-1921 begon hij als decorontwerper bij het Eerste Arbeiderstheater Proletkult in Moskou. In 1922 werd hij als docent aangesteld aan het door Wsewolod Meyerhold geleide Staatsinstituut voor Regie en was vanaf die tijd tevens als filmregisseur werkzaam. 

Battleship Potempkin (1925)

  • Eisenstein laat de slachting op de trappen van Odessa veel langer duren dan in werkelijkheid het geval zou zijn geweest. De trage reactie van de moeder op het dood schieten van haar kind is hier een voorbeeld van. Door haar ontsteltenis te rekken, vergroot hij de psychologische impact op de toeschouwer. Hij geeft de toeschouwer zo de kans de omvang van de verschrikking tot zich door te laten dringen.
  • De vormgeving is heel bewust afgestemd op het bedoelde effect. Eisenstein fotografeert de soldaten van de garde zonder gezicht, met stampende laarzen en zonder twijfel. De geometrie van samengestelde lijnen van de trappen, de geweren en de uniformen benadrukt de koele meedogenloosheid van de garde. De vluchtende massa daarentegen, is chaotisch en kent angstige gezichten: zij is identificeerbaar.
  • De trappenscène is een beroemd voorbeeld van hoe Eisenstein de beginselen van de montage in praktijk brengt. Eisenstein ontwikkelt een systeem van achter elkaar plaatsen van elementen die steeds met elkaar in conflict zijn. Hij noemt ze “attracties”. Een aaneenschakeling van attracties, de montage ervan, vormt dan een film, waarin het “schokken” van de toeschouwer het belangrijkste doel is. De      conflicten zijn in “Pantserkruiser Potemkin” zowel in vorm als in inhoud te vinden: een conflict tussen de massa’s, maar ook tussen de camerastandpunten, tussen statische en bewegende camera’s en tussen langzame en versnelde opnamen. In de Trappenscène komen de hierboven vermelde conflicten terug.

Oktober (1927)